Boek
Sinds de inwerkingtreding van Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) is het verlenen van euthanasie aan mensen met gevorderde dementie op basis van een voorafgaande schriftelijke wilsverklaring wettelijk gezien mogelijk. In art. 2 lid 2 Wtl is bepaald dat de schriftelijke wilsverklaring in een concreet geval zal worden beschouwd als de wil van de patiënt, mits de patiënt tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake in staat werd geacht tijdens het opstellen van die verklaring, hetgeen wil zeggen: voordat hij wilsonbekwaam werd. Voor die situatie geldt dat de arts, die bereid is tot het verlenen euthanasie, op de schriftelijke wilsverklaring kan afgaan en dat de zorgvuldigheidseisen van art. 2 lid 1 Wtl van ‘overeenkomstige toepassing’ zijn. Inhoud geven aan deze complexe situatie valt onder de professionele beoordelingsruimte van de arts. Binnen de samenhang van de zorgvuldigheidseisen ligt een taak voor de arts om voortdurend te zoeken naar balans: euthanasie bij wilsonbekwame patiënten is geoorloofd, maar wel binnen grenzen. Euthanasie bij gevorderde dementie is verweven met drie domeinen – geneeskunde, ethiek en recht. De casuïstiek is voornamelijk via de rechtspraak bekend geworden, maar betreft primair het handelen van artsen. Dit betekent dat de knelpunten in de juridische context deels of geheel ook de knelpunten zijn in het medische en ethische discours.In dit boek worden achtergronden, opvattingen en gezichtspunten over euthanasie bij gevorderde dementie in de betrokken domeinen geordend en toegankelijk gemaakt voor de medische praktijk op een manier die zowel de complexiteit van het thema als de meerstemmigheid in het medische en ethische discours respecteert en (a.s.) artsen tot steun is bij de oordeelsvorming. «
Boeklezers.nl is een netwerk voor sociaal lezen. Wij helpen lezers nieuwe boeken en schrijvers ontdekken, en brengen lezers met elkaar en schrijvers in contact. Meer lezen »
Er zijn nog geen recensies voor dit boek.